De richtlijn is uitsluitend bedoeld voor bedrijven in de zeefdruk-sector en is op grond van het gedane onderzoek alleen van toepassing op:
- Het bedrukken van kunststof, papier en karton met conventionele inkten;
- Het drukken m.b.v. handtafels, half-, driekwart- en volautomaten;
- Het aanmaken van de inkt;
- Het tussentijds reinigen van de zeefdrukramen. Hiermee wordt het volgende bedoeld: Met behulp van een doek met reinigingsmiddel het zeefdrukraam op orde brengen in verband met het indrogen van de inkt tijdens het drukproces en/of het verwijderen van stof en andere ongerechtigheden.
- De eindreiniging van de zeefdrukramen;
- De (eind)reiniging van machines en overige productiegerelateerde zaken.
De richtlijn heeft geen betrekking op:
- Het prepareren en het strippen van het zeefdrukraam;
- Het werken met bijvoorbeeld twee componenten inkten, inkten op basis van plastisol, watergedragen inkten, high solid UV-inkten en watergedragen UV-inkten.
